Sticky Studio’s haalt 90% van zijn omzet uit Amerika

‘Je raakt wel eens verzeild in rare situaties. Ik heb wel een om tien uur ‘s ochtends zitten presenteren aan een stel mannen met Star Wars-maskers op met een glas whisky in de hand.’ Aan het woord is Jeroen de Cloe, een van de oprichters van het Utrechtse gamebedrijf Sticky Studios.

Het bedrijf ontwikkelt veelal promotionele en free-to-play games voor grote merken. De grote Hollywood studio’s behoren tot zijn vaste opdrachtgevers, vandaar dat De Cloe nog wel eens in bijzondere situaties belandt. Sticky Studios maakte games ter promotie van films als Insterstellar, The Maze Runner, Godzilla en The Dark Night. Knight Rises. ‘Voor The Dark Night presenteerden we direct aan Christopher Nolan. Te gek natuurlijk, maar echt zo’n presentatie waarin alles fout ging qua techniek. Dat brak uiteindelijk ook het ijs en we raakten op een leuke manier aan de praat over het project dat gelukkig ook door is gegaan.’ 

Om lokaal aanwezig te zijn voor opdrachtgevers aan de Westkust van Amerika, waaronder ook Nickelodeon, Disney en Dreamworks, en voor acquisitiedoeleinden opende Sticky Studios een aantal jaar geleden een kantoor in Los Angeles. De Cloe gaat er regelmatig naar toe om contacten te onderhouden en te netwerken. ‘In Amerika moet je heel hard pushen om binnen te komen. Na drie keer mailen begint het eigenlijk pas, je moet niet te snel opgeven. Netwerken gaat daar heel informeel en gebeurt meestal op feestjes. Je moet daar dus gewoon regelmatig zijn om je kansen te vergroten.’ 

De eerste Amerikaanse opdrachten kwamen voort uit koude acquisitie. Sticky Studios toonde zijn Nederlandse portfolio aan Warner Animation en mocht voor het bedrijf Streets of Gotham gaan maken. 

Maar Sticky werkt ook voor reclamebureaus en ontwikkelt zelf games.  ‘We zitten tussen game-ontwikkelaar en bureau in eigenlijk, omdat we promotionele games in de breedste zin van het woord maken. In Nederland wordt gaming soms wel als campagnemechanisme ingezet voor de korte termijn. Maar opdrachtgevers durven nog niet de stap te zetten om een volwaardige game neer te zetten die ook op de lange termijn, bijvoorbeeld na de lancering van een product of film, blijft bestaan. Dan kunnen campagnes in de game worden gevoerd en er kan zelfs geld aan verdiend worden in plaats van dat het geld kost. Nu zie ik teveel one-offs en dat is eigenlijk zonde van het geld. In Amerika wordt het grootser aangepakt, dat heeft niet alleen met budgetten te maken.’ 

Binnen Europa is Nederland relatief groot in gaming en kan het zich volgens gegevens van Dutch Game Garden meten met Groot-Brittannië en Frankrijk. Wereldwijd kunnen nog wel wat stappen gemaakt worden. Volgens De Cloe zijn de randvoorwaarden in principe goed. ‘In Nederland kunnen en durven we innovatief te zijn, dat is niet overal zo. De schaal van Nederlandse opdrachtgevers is alleen best klein, waardoor het lastiger is meters te maken.’ De typisch Nederlandse recht-voor-z’n-raap-mentaliteit heeft volgens De Cloe, zowel voor- als nadelen. ‘Amerikanen houden op zich wel van die duidelijkheid, maar zelf draaien ze er vaak omheen. Dat kan leiden tot een soort miscommunicatie. Ik heb wel eens op vrijdagmiddag in een conference call gezeten waarbij de klant, een reclamebureau aan Madison Avenue, liet weten snel input nodig te hebben, het liefst maandag. Ik had dat niet helemaal door en zei dat we in het weekend natuurlijk vrij waren en woensdag wel konden leveren. Hij was zo verbaasd dat in het weekend werken geen optie was, dat ik dat er ongemerkt blunt doorheen ramde. En we doen het nog steeds niet, werken in het weekend. We werken wel in shifts zodat we in de avond conference calls kunnen doen, maar daar blijft het bij, want we leveren voldoende uitgerust het beste werk.’ 

stickystudios.jpg